Kerstwandeling door de Vuilbemden

Een voormalige Maasmeander die nu als elzenbroekbos het leefgebied is voor das en bever. Zo zouden we de Vuilbemden kort kunnen schetsen. Tijdens de Kerstwandeling 2017 hebben zo'n 100 mensen het gebied verder leren kennen. Tijdens de wandeling hebben de deelnemers dassenburchten gezien, maar de meeste aandacht ging uit naar de beverdam en de beverburcht.


Ontstaan
Het natuurgebied de Vuilbemden, gelegen tussen Asselt en Leeuwen, is ontstaan nadat de Maas hier met een tweetal meanders ooit heeft gestroomd. Deze meanders maakten tot ongeveer het jaar 1000 daadwerkelijk een onderdeel uit van de doorgaande Maas, die al vlechtend door het laaggelegen deel van het huidige Midden Limburg stroomde. Daarna zijn deze bochten van de Maas door het natuurlijk meanderproces van de Maas afgesloten geraakt en gedurende de daarop volgende eeuwen zijn ze langzamerhand verland en met elzenbroekbos begroeid geraakt. In latere eeuwen is het bosgebied voor een deel ontbost en ontgonnen tot vruchtbare landbouwgrond. Deze landbouwgrond was al vroeg bekend als de 'Foulenbenden'.

Fauna
In de oorspronkelijke oever van de Maas, in de huidige steilrand, hebben de dassen hun ideale plek voor hun burcht. Stevige grond, hoog en droog gelegen, veel rust en vooral voedselrijke weilanden binnen loopafstand, waarbij de dassen geen onveilige wegen hoeven over te steken om er te komen. In die weilanden vinden ze hun favoriete voedsel: regenwormen. Nieuwe bijzondere soort is de Europese Bever. Sinds 2011 zijn in de Vuilbemden vraatsporen en pootafdrukken te zien. Deze bever of bevers hebben in de waterlossingen van de Vuilbemden dammen aangelegd en zijn begonnen met het bouwen van een burcht. Bijkomend effect was dat er bos- en landbouwgronden gedeeltelijk onder water kwamen te staan. Ondanks het weghalen van deze beverdammen werd door de bever volhard in het herstel van zo'n dam. Iedere nacht worden er weer takken op geplaatst en wordt er modder tussen de takken gestopt, zodat er uiteindelijk weer een oerstevige en vrijwel waterondoorlatende dam ontstaat. De bever maakt ook op dezelfde manier, op een veilige plek, een burcht van takken en modder. Deze heeft een ondergrondse inzwemopening en zo'n burcht kan wel twee-en-halve meter hoog worden. De bever vertoont helemaal zijn natuurlijk gedrag. Hij/zij knaagt volop wilgen, populieren en ander bomen om. Hij gebruikt de takken om de burcht verder op te bouwen. Ook heeft hij de dam in de oude lossing, net voordat het water in de Asselter Leigraaf komt, verder opgehoogd. Achter deze dam is een uitgebreid moeras ontstaan. Dit moeras zal ook volop plek gaan geven aan amfibieƫn, watervogels, vissen en waterinsecten. De beverburcht is ook door de bever verder versterkt tot een indrukwekkend geheel. En we zullen ongetwijfeld de komende jaren nog verdere 'beverwerken' zien.